Melkveehouderij Bakker uit Goënga

De 33-jarige Atze Bakker woont sinds 2009 samen met vriendin Esther op de OBW-boerderij in Goënga. Met de komst van zoon Steven wonen ze er sinds 2019 met zijn drieën. Atze heeft altijd al boer willen worden en kreeg op zijn 22ste de kans zelfstandig te boeren op de boerderij van het Old Burger Weeshuis Sneek.

Atze Bakker met vriendin Esther en zoon Steven

Atze groeide op ‘op de pleats’ in Boazum, onder de rook van Sneek. Het gezin Bakker heeft vier kinderen. De oudere broer van Atze was altijd de beoogde opvolger, daardoor werd het boerenbestaan voor Atze niet specifiek gestimuleerd. Hoewel hij graag meehielp en altijd zei dat hij boer wilde worden, probeerden zijn ouders toch ook zijn interesse in andere beroepen te wekken. De opvolging was immers al besloten. De jonge Atze hield echter voet bij stuk, want boer zijn was hij al in zijn hart. “Zo gaat dat soms”, zegt Atze nuchter. “Maar mijn familie heeft mij altijd gesteund hoor.”

OBW-boerderij

Na de lagere agrarische school volgde hij het middelbaar beroepsonderwijs melkveehouderij. Doelbewust ging Atze op zoek naar de mogelijkheden voor hem om boer te kunnen worden. Het plan was om een nieuwe stal bij de ouderlijke boerderij te bouwen, met het oog op een toekomstbestendig familiebedrijf. Maar ondertussen had Atze ook gesolliciteerd op de vacante OBW-boerderij in Goënga. “Toen ik solliciteerde hoorde ik dat er nog twintig andere sollicitanten waren. Toch zat ik bij de eerste vijf en mocht ik een kijkje nemen, een dag later hoorde ik dat ik het was geworden.”

Atze had met het oog op de uitbreiding van de ouderlijke boerderij al een koppel extra koeien die hij in een externe stal molk. Nu hij naar de OBW-boerderij kon, hoefde er geen nieuwe stal gebouwd te worden.  Het land pacht Atze, de gebouwen moest hij aankopen. “Dat moest ik nog wel met de bank rondmaken, ik was 22 toen en dat was niet heel makkelijk.” Maar zoals Atze altijd deed, zette hij door en hij kreeg het voor elkaar.

Zo toog de jonge boer zelfstandig met zijn 85 koeien naar de boerderij aan de Midlânsdyk in Goënga. Het waren lange dagen om alles gereed te krijgen, maar met behulp van familie en vrienden lukte dat goed. Samen met zijn vriendin Esther en zoon Steven wonen ze er nog altijd met veel plezier.

Vooruitdenken

Hij is altijd bezig met ontwikkelingen en vooruitdenken, hoe hij een zijn bedrijf goed kan blijven voeren. Deze zomer heeft hij de melktechniek vernieuwd en is hij overgestapt op robotmelken. De verouderde melktechniek zorgde voor veel mastitis bij de koeien, met robotmelken is dat probleem nu geklaard. Hij onderzoekt de mogelijkheden voor een bedrijfsverplaatsing, omdat het meeste land ver van de boerderij ligt. En het weiden van koeien nu lastig is.

Atze heeft een eigen kijk op zaken en dat is altijd zo geweest. Zo deed hij altijd aan weidegang van de koeien, ook op de ouderlijke boerderij, wat ze ‘thuis’ niet altijd wilden. “Toen ik wegging zijn ze er ook weer een tijdje mee opgehouden, maar nu lopen ze daar inmiddels ook weer buiten. Het geeft toch een stukje voldaan gevoel, een koppel grazende koeien in de wei. Dat hoort in het beeld”, vindt Atze.

Zelfstandig

Toen hij op de boerderij kwam pachtte hij 32 hectare land. Dat is de afgelopen jaren uitgebreid tot 41 hectare. Atze heeft nu 75 koeien, bestaande uit vijf verschillende rassen. Dat doet hij bewust vanwege de kracht in de rassen en het effect op elkaar. Het kruisen van verschillende rassen zorgt ook voor sterkere koeien. De rassen die hij nu rond heeft lopen zijn: Montbéliarde, Brown Swiss, Jersey, Holstein en Fleckvieh.
Atze zit nu nog samen met zijn vader en broer in de maatschap. Waar ze kunnen helpen ze elkaar, maar wel is het de bedoeling om in de toekomst zelfstandig verder te gaan.

Stikstofcrisis

Met het stikstofcrisis en de maatregelen die daaruit volgen zijn dit woelige tijden voor de boeren. Zeker de kleinere familiebedrijven die geen bulk of exclusieve producten produceren zitten knel. Landbouwverslaggever Lukas van der Storm legde dat uit met de vergelijking van kleding kopen bij de Primark, wat men doet voor de prijs en kleding kopen bij een speciaalzaak, wat men doet voor de exclusiviteit. Alles wat daar tussenin heeft het moeilijk, dat zijn in dit geval de kleinere boerenbedrijven. De kosten van de melkveehouders liggen al hoger dan wat zij voor de melk krijgen en bij verlies van stikstofruimte voor koeien, verliest het bedrijf financieel te veel.  Bij de boerenprotesten in Den Haag stond Atze dan ook vooraan. Ondanks de onrust blijft hij positief. “We hebben de afgelopen jaren wel laten zien wat we kunnen als sector. Je ziet ook dat het heel wat losmaakt en niet alleen bij boeren. We worden voor een groot deel door de burgerbevolking gesteund.” En die steun, dat voelt goed.

Sjaerdemahof Goënga

Sjaerdemahof Goënga